Reserveer HIER de nieuwe CorsaItalia Magazine en bespaar je de verzendkosten!

Alfa Romeo Giulia Veloce: niets meer te wensen!

Het is nogal een gat, tussen de 200 pk van de Giulia 2.0 turbo en de 510 pk van het monster, de Quadrifoglio. Gelukkig heeft ook Alfa Romeo dat al snel door en komt het merk met de Veloce, voorzien van 280 pk en vierwielaandrijving. Op pad met de Giulia die wel eens tot ‘ideale compromis’ kan worden bekroond.

Veloce, een prachtige naam die we kennen uit het verleden van Alfa Romeo. Veloce betekent snelheid en prijkt bij Alfa Romeo al sinds begin jaren ‘60 op de snellere uitvoeringen van hun modellen. De Giulietta Sprint, de Spider en de GT Junior zijn slechts enkele auto’s waarbij de koper naast een al vlotte ‘instapper’ kon kiezen voor de begerenswaardige Veloce. De naam Veloce was al even terug bij Alfa Romeo, het bleef echter beperkt tot sportieve pakketten die het verleden niet helemaal eer aan deden. Met de komst van de Giulia betekent Veloce weer net zo veel als vroeger. Dat zegt Alfa Romeo tenminste, tijd om uit te zoeken of die roemrijke naam weer net zo hebberig maakt.

De Giulia heeft nog geen enorm uitgebreid motorenpalet, vooral als we kijken naar de benzine-uitvoeringen. De lijst begint met een 2.0 turbo viercilinder met 200 pk. Armetierig kun je dat allerminst noemen bij een gewicht van 1.404 kilo, het zorgt namelijk voor een acceleratie naar de 100 km/u in 6,6 seconden en een top van 230 kilometer per uur. Waarden waarbij je vijftien jaar geleden nog gewoon over een sportwagen kon spreken. De andere benzine-versie is de Quadrifoglio, met zijn 2.9 biturbo V6 goed voor 510 pk’s, die totaal geen moeite hebben met de 1.595 kilogram: naar de 100 vlieg je in 3,9 seconden, de top van 307 km/u is duizelingwekkend. Flinke verschillen dus en je hoeft geen bovenmodaal IQ te hebben om te zien dat daar nog mooi een variant tussen geplaatst kan worden. Dat doet Alfa Romeo met de Veloce, die zowel qua acceleratie (5,2 sec) als gewicht (1.505 kg) precies tussen de twee broers in past. Dat extra gewicht komt in tegenstelling tot bij de Quadrifoglio overigens niet door de motor maar door de aandrijving die bij de Veloce óók via de voorwielen plaatsvindt. Niet opspringen van schrik: de achterwielen doen al het werk met z’n tweetjes, de voorwielen worden pas bij de les geroepen als de achterwielen hun taak alleen niet meer aankunnen. De Veloce peutert 280 pk uit dezelfde viercilinder als de 200 pk versie en het is inmiddels een publiek geheim dat die variant met 200 pk’s een via de software tammer gemaakte versie is. Maar er is meer dan alleen extra vermogen.

De Giulia Veloce staat op 18” wielen, de 19” op onze testauto zijn een optie. Zowel voor- als achterbumper zijn nog wat sportiever dan bij de normale Giulia. Aan de achterzijde is de diffuser wilder vormgegeven en prijkt er aan weerskanten een flinke uitlaat uit de grote ronde openingen. In het interieur vind je sportstoelen die flinke zijdelingse steun bieden en voor mensen met ‘brede botten’ wellicht zelfs aan de smalle kant zijn. Pas je er in dan zit je fantastisch. Ze zijn standaard bekleed met fraai geperforeerd leder. Aluminium pedalen zijn standaard, evenals DAB-radio, zwarte lijsten rond de ramen, Bi-Xenon koplampen en tal van luxe goederen die we maar even achterwege laten. Niets te klagen dus, al zouden we toch adviseren één pakket in ieder geval aan te vinken: Performance Pack AT. Hiermee worden er twee grote aluminium schakelflippers achter het stuur gemonteerd, wordt er een sperdifferentieel geplaatst en is de auto uitgerust met een actief onderstel.
Zowel de uitrusting als de cijfers pleiten dus voor de Veloce. Tijd om dat maar eens in de praktijk te gaan beproeven, het belangrijkste bij de Veloce’s van weleer was immers geen lange optielijst, maar de sportievere rijbeleving. Onze testauto is gespoten in schitterend Blu Misano. Geen kleur voor mensen die graag anoniem willen blijven, de Giulia trekt er enorm veel bekijks mee, hetgeen nog wordt versterkt door reeds aangehaalde donkergrijze 19” wielen en de knalgele remklauwen.
De koe die vast niet geheel vrijwillig heeft geholpen bij de totstandkoming van het interieur zal nooit weten dat zijn zwart-witte leren jas werd omgekleurd naar Tabacco-bruin, wat prachtig contrasteert bij de felblauwe lak. De zit is Veloce-waardig, met niet alleen een ferm ingesloten rug- en schouderpartij, maar ook meer steun voor de benen dan bij de Veloce-loze Giulia.

Verder is er weinig verschil en kan de vertrouwde zwarte startknop op het stuur ingedrukt worden. De vierpitter laat zich al direct wat meer horen dan we gewend zijn. Nee, geen uitdagend geschreeuw, hij probeert geenszins zijn sterke broer na te doen. Eenmaal op pad is het motor- en uitlaatgeluid overigens slechts op de achtergrond aanwezig, iets prominenter wordt het als je op het gas gaat en de tweeliter er gretig vandoor gaat. Koppel is er ook onderin volop, de toerentellernaald suist in sneltreinvaart richting het rode gebied, om zich na een tikje tegen de rechter schakelflipper weer wat terug te laten vallen. De versnellingsbak werkt ook in de Veloce weer razendsnel, de flippers achter het stuur voelen zéér strak en solide aan en geven een trefzeker gevoel. Van verzet wisselen is bij wijze van spreken een kwestie van denken, een licht tipje is voldoende om vrijwel vertragingsloos op of terug te schakelen. Dit gezegd hebbend is het tempo de rijbewijsveilige zone al riant voorbij, gelukkig wonen we dichtbij de ‘Oberhausen Straight’, waar we ons geen zorgen hoeven te maken over een zomaar verdampend rijbewijs. Ook bij 150, 160 km/u accelereert de Giulia nog als een ras-sportieveling, een tempo van 210 tot 220 kilometer is zó bereikt. Daarna neemt de duw in de rug wat af, maar gaat het nog altijd vlot naar de eindstreep bij 240 km/u. Ongecorrigeerd op de meter wordt dat 250. Qua kracht doet deze Giulia zijn klassieke naam dus helemaal eer aan en voor de beleving ook, de Veloce lijkt feller aan het gas te hangen en nog wat doller te zijn op toeren. De viercilinder heeft het naar zijn zin als je ‘m aan het werk zet en lijdt allerminst aan kortademigheid.

Het onderstel is lekker stevig. We rijden vrijwel de hele week in de Dynamic-stand van het DNA-systeem. Het actieve onderstel komt in combinatie met een knop waarmee je, los van het normale DNA, de dempers zachter kunt zetten. De Giulia wordt er een stuk comfortabeler van, kleine oneffenheden worden keurig weggefilterd, ideaal voor lange snelwegritten met de familie. Snel weer in standje ‘Veloce’ dus. Over de alom geprezen stuureigenschappen valt niet meer zo veel nieuws te vertellen, de Giulia heeft de toon in zijn segment gezet. De Veloce laat, vermoedelijk mede door het optionele sperdifferentieel, wat meer kwispelen toe. Nee, driften hoeven we ditmaal niet, maar de Veloce doet wel precies wat je wilt: je laten voelen waar de grens ligt. Zo kun je er niet alleen gemakkelijk mee lezen, maar ook mee schrijven; de Veloce laat zich ontzettend hard een bocht in sturen, met voldoende vermogen om hem er lekker ‘zettend’ uit te trekken. Voor dergelijk spelplezier kwam de versie met 200 pk net wat vermogen tekort. De kont laat zich desgewenst even gaan om vervolgens óf door de bestuurder óf door de systemen weer in het gareel te worden gezet. Onder normale omstandigheden zijn de voorwielen niet aangedreven; we hebben geen situaties meegemaakt waarbij we hebben gemerkt dat ze ook vermogen kregen toegediend. Niettemin is het met het naderende winterweer een prettige gedachte dat er zonodig wel degelijk vier actief meedoende wielen beschikbaar zijn. Voor de sportieve rijder die blij is dat Alfa Romeo eindelijk weer achterwielaandrijving levert, hoeft het Q4-systeem in ieder geval geen vermindering van de pret te betekenen.

Bij de Giulia lijkt het er op dat Alfa Romeo de naam Veloce eindelijk weer écht eer aan doet. Het totaalpakket van deze variant lijkt uitstekend te kloppen en met uitzondering van het wat ons betreft verplichte Performance Pack AT hoef je verder niet leeg te lopen op de opties. De Veloce 2.0 turbo is er vanaf € 54.250, het genoemde pakket kost € 2.245. Mag je financieel helemaal los gaan en bestel je een kopie van de testauto, ben je rond de 64 mille verder. Dat is dan inclusief een glazen panoramadak, 19” wielen, het genoemde pakket, een Harman Kardon installatie met een audiowinkel aan speakers, een lederen dashboard en eigenlijk alle extra’s die een Alfa-enthousiast zich verder nog wensen kan. Wellicht geen koopje zo’n Giulia Veloce met alles erop en eraan, maar wel de auto waarvan menig Alfist lange tijd hoopte dat Alfa Romeo hem ooit nog weer eens zou gaan bouwen.

Dit artikel komt uit CorsaItalia Magazine #27. Bekijk hier al onze uitgaven.

Giulia Veloce 2.0 Turbo
Motor 4-in-lijn, DOHC, 16V, 280 pk/206 kw@5.250 TPM, 400 Nm@2.250 tpm. • Transmissie 8-traps ZF aut. • Banden 225/45 R18 voor, 255/40 R18 achter (19” optie). • L x B x H 464 x 187 x 144 cm. • Gewicht 1.505 kg. • Tank 52 l. • Top 240 km/u. • 0-100 km/u 5,2 sec. • Verbruik 6-11 l/100 km (uitersten test.). • CO2 uitstoot 148 g/km. • Prijs € 54.250.

Ook interessant
The Fiat Song met Arianna, Pitbull en Sheen